|
Ossola, in de Italiaanse provincie
Piemonte, grenst in het noordwesten aan de Zwitserse kanton Wallis en in
het oosten aan de kanton Tessin. De Alpen werpen een natuurlijke
barrière op voor depressies in het noorden, zodat het er bijna altijd
fijn weer is. Vanaf Domodossola is het 30 km. naar het Lago di Mergozzo
en het Lago Maggiore.
De stad Domodossola met 25.000 inwoners
ligt op 300 m. hoogte en is het centrum van de Ossola Vallei. De
internationale treinen uit Zwitserland naar Milaan, die reizen via de Simplonroute,
maken er een tussenstop. Ook is hier het vertrekpunt van 'la Vigezzina',
de trein naar Locarno aan het Lago Maggiore.
Vanwege de Centrale ligging van
Domodossola is er een levendige handel en zijn er aan de rand van de
stad grote winkelcentra. In de zeventiende eeuwse stadskern is het op
zaterdag markt en dat zorgt altijd voor levendige taferelen. Deze
gezellige drukte stimuleert de eetlust en bij de terrasjes is het tussen
de middag zoeken naar een goed plekje. Rustiger gaat het eraan toe, op
weg vanuit Domodossola, langs de vijftien kapelletjes naar de heilige
berg - natuurreservaat sinds 1991 - Monte Calvario. Boven aangekomen is
daar het klooster met de kerk. En nog honderd meter verderop is daar de
rustige Pizzeria.
Natuur: In de hoofdvallei groeien vijgen,
druiven, kaki en andere fruitsoorten. Er is altijd water genoeg
afkomstig uit de bergen en met het gunstige klimaat voor veel
plantsoorten zorgt dat voor veel groen en vitaminen. Vroeger leefden
hier veel mensen van het land. Tegenwoordig wordt er wel eens geklaagd
door ouderen, dat de jongeren teveel de boel de boel laten en niet
zoveel in de stad moeten gaan werken. Zo is de wijnbouw in pergolavorm
opgebouwd - alles boven het hoofd - en daarom uiterst
arbeidsintensief. Een jaartje overslaan betekent zonder meer een
creatie van wildernis met krenten. Dat is jammer. Het onderhoud is ook
belangrijk voor de rivieren. Als het land niet goed bewerkt wordt komt
alle afval vroeg of laat in de rivieren. Boomstammen en planten
belemmeren dan het doorsluizen van water met alle gevolgen van dien.
Daartegenover staat dat tegenwoordig de vraag - ook door mensen die op
vakantie zijn - voor traditionele ' nostrani' producten toeneemt.
Hierdoor is ook een tendens waarneembaar, die wijst in de richting van
ecologische landbouw en verhoogd respect voor de natuur.
Heerlijk is het om in bergbeken in de buurt van de
Ossola Vallei te baden. Baden in bronwater. De plaatsen waar dat kan
zijn herkenbaar, omdat er ook lokale mensen een handdoekje neerleggen.
Bijvoorbeeld in het water van de Bogna, afkomstig uit de vallei van
Bognanco. De plaats, die in de regio bekend is vanwege het bronwater.
Goed water is er ook in de richting van de Vallei van Formazza. Eerst
bij de plaats Crodo - bekend door het aperitief 'Crodino' - en nog iets
verder bij Piedilago is er de warmwaterbron (42,5 Graden warm) die
bekend is sinds 1556 en die men deze jaren werkelijk toegankelijk wil
maken. Tot dusverre was er slechts een bassin gemaakt.
Voor wandeltochten in de wildernis van
het Nationale Park van de Vallei Grande is een goed uitgangspunt Malesco
in de Vallei van Vigezzo. Wel wordt aangeraden begeleiding te zoeken bij
een berggids, omdat het gebied zo onherbergzaam is.
Info Ossolaland: E-mail of Tel.: 0118-410571.
|
|

Domodossola
|
|
Sport: Joggen en toeren met
de mountain-bike of racefiets is populair in de Ossola Vallei. Daarnaast
wordt er volop getennist, gevoetbald en boccia - jeu de boules -
gespeeld. Zwemmen kan ook in de goede
zwembaden van Domodossola en Santa Maria Maggiore.
Cultuur: Er zijn Romeinse
sporen in de Vallei, maar de meeste historische bouwwerken
stammen toch uit recenter tijden. De Piazza Mercato in Domodossola uit
de 15e eeuw, de Romaanse St. Bartolomeo kerk in Villadossola en het
kasteel Visconteo met de toren uit de 9e eeuw van Vogogna, de vroegere
hoofdstad van Ossola.
Om de tegenwoordige Ossolani te leren kennen is in de
zomer volop gelegenheid tijdens de dorpsfeesten. Heel populair zijn daar
de dansavonden met 'liscio', wals en tango. Er is altijd volop te
eten en meestal zijn er ook popconcerten en kermisattracties. De
grootste is het feest in Villadossola 'La lucciola'. Het slot van de
feesten is altijd in Masera in september: 'La Festa dell'Uva'. Hier
komen de mensen elkaar tegen. Ook de mensen uit de bergen vinden tijdens
de feesten een acceptabel excuus om met opgeheven hoofd even uit de bergen af te dalen.
Zelfs de visser aan het Lago di Mergozzo geeft de vishengel rust. De feesten
zijn zo gepland, dat vanaf eind juni altijd wel ergens een dorp organiseert. Zo
blijft men voortdurend onderweg van het feest van de patatten en taarten
naar het feest van de druiven. |